FAQ

Meld bij iedere ziekenhuisopname dat je lithium gebruikt aan je behandelend arts. Meestal zal dan direct bij de opname een lithiumspiegel worden bepaald. Meld een ziekenhuisopname ook altijd aan de arts die u de lithium voorschrijft.

Operatie

Lithium kan de werkingsduur van de spierverslappende medicijnen die bij operaties worden gebruikt, verlengen. Over het algemeen wordt geadviseerd bij kleine ingrepen de toediening van de lithiumdosis eenmaal, en bij grote ingrepen tweemaal over te slaan. Overleg een en ander altijd met de behandelende anesthesist.

Bij een kinderwens doen zich niet alleen vragen voor over onder andere de erfelijkheid van de manisch-depressieve stoornis, maar ook over het gebruik van lithium. Tijdens de eerste drie maanden van de zwangerschap kan het gebruik van lithium leiden tot aangeboren (hart-)afwijkingen bij het kind. Overigens blijkt uit recenter onderzoek dat de kans op schade aan de vrucht door lithiumgebruik waarschijnlijk veel minder groot is dan voorheen werd aangenomen. Voorzichtigheid en terughoudendheid blijven echter geboden.

Aangezien het vaak even duurt voordat je zwanger wordt als je stopt met het gebruik van voorbehoedmiddelen, is die periode er een met verhoogd risico als je ook stopt met de lithium. Geen lithium betekent immers een grotere kans op een nieuwe manische of depressieve episode. Het al of niet stoppen met lithium gedurende de zwangerschap is een belangrijke beslissing die thuishoort bij psychiaters die gespecialiseerd zijn in zwangerschap bij een manisch-depressieve stoornis.

Meestal zullen zij een advies formuleren over alle gebruikte medicatie. Gebruikelijk is dat ook foliumzuur wordt aangeraden, al voor de bevruchting gestart. Ook als het gaat om de noodzakelijke extra controles, het beleid rond de zwangerschap en borstvoeding (die overigens in het algemeen wordt ontraden) worden goede afspraken gemaakt. Omtrent deze speciale materie bestaat specifiek voorlichtingsmateriaal (www.vmdb.nl). [link aanbrengen]

Ook in de periode na de bevalling is er speciaal beleid nodig. Bovendien is deze periode berucht om de vergrote kans op stemmingsontregeling.

Al met al is een zwangerschap een hele onderneming, waarvoor je ruim van tevoren voorbereidingen moet treffen. Informeer je behandelaar dus tijdig over eventuele plannen en stop nooit zomaar met het gebruik van anticonceptiemiddelen.

De begeleiding van een zwangerschap bij mds vereist bijzondere deskundigheid. Om die reden bestaat de neiging die ervaring te bundelen in de wat grotere centra, waar een psychiatrische afdeling naast een gynaecologische met geavanceerde onderzoeksmogelijkheden bestaat.

Meer info: kinderwensfolder van de VMDB.

Bij koorts, overmatig transpireren, braken, diarree kan de lithiumspiegel te hoog worden. Wij raden in dat geval aan extra vocht en wat zout in te nemen, bijv door wat bouillon te drinken.
Waarom is dat nu? Lithium is toch een zout? Door extra zout te nemen, wordt de lithiumspiegel toch nog hoger? Dit is een vraag die veel gesteld wordt.

Door zweten, braken, diarree kan je erg veel vocht verliezen. Maar je verliest er ook zout mee. Je zweet proeft ook altijd een beetje zout. Om dat zoutverlies goed te maken, proberen de nieren al het zout dat nog in het lichaam zit, vast te houden. Lithium is ook een zout en wordt dus ook vastgehouden. Daardoor gaat de lithiumspiegel omhoog.

Door nu wat bouillon te drinken of wat zoute drop te nemen, vang je het zoutverlies op. Zo hoeven de nieren het lithium niet meer vast te houden en kan het weer worden uitgeplast. Daardoor zakt de lithiumspiegel weer.

bouillon

De dosis van lithium is niet zo belangrijk. Bij het instellen op lithium letten we alleen op de bloedspiegel, de concentratie in het bloed. De ene persoon heeft 3 tabletten nodig om een goede bloedspiegel te bereiken, de ander maar een halve tablet. Hoe sneller de nieren lithium verwerken, des te meer tabletten heb je nodig.

Dus ook als je maar heel weinig lithium gebruikt – bijvoorbeeld als je al wat ouder bent – kan lithium veel nut hebben en uitstekend zijn werk doen, zolang je maar een goede bloedspiegel hebt. Deze is doorgaans tussen 0,6 en 0,8 mmol/L.
Aan de andere kant: ook als je veel tabletten lithium nodig hebt, hoeft dat niet gevaarlijk te zijn. Als je er maar een goede bloedspiegel mee bereikt.

Daar merk je heel lang niks van. Dat is juist zo verraderlijk. Pas als de nieren heel slecht functioneren, kan je daar klachten van ervaren.

Juist omdat je er zelf niet veel merkt, is het belangrijk de nierfunctie regelmatig te controleren als je lithium gebruikt. Eigenlijk is het zaak altijd tegelijk met lithium, ook de nierfunctie (kreatinine en klaring) te laten bepalen.

Van veel (psychiatrische) medicijnen kan je een droge mond krijgen. Dat is niet goed voor het gebit. Speeksel is nodig om tandbederf te voorkomen. Ook lithium kan de speekselaanmaak verminderen.

Een andere mogelijke oorzaak van gebitsproblemen bij lithium is dorst. Van lithium kan je meer dorst krijgen. Als je telkens de dorst lest door zure of suikerhoudende dranken te drinken, kan dat sneller tot tandbederf leiden.

Van een lithiumgebruiker hoorde ik de tip om tegen de droge mond suikervrije kauwgom met xcilitol te gebruiken.
Bij dorst zou ik zo veel mogelijk suikerhoudende dranken vermijden. Het is tenslotte ook niet goed voor het gewicht. Als je toch zo iets drinkt, probeer dan telkens erna de mond spoelen met water.

Bij 5 tot wel 20 % van de lithiumgebruikers gaat de schildklier minder goed werken. Dit komt wat vaker voor bij vrouwen en personen boven de 50 jaar. Als de schildklier te langzaam werkt, verloopt de hele stofwisseling trager. Dat kan zich bijvoorbeeld uiten in gewichtstoename, kouwelijkheid en vermoeidheid, maar ook in somberheid.

In het algemeen is een verlaging van het schildklierhormoon geen reden met lithium te stoppen. Een te langzaam werkende schildklier kan meestal vrij eenvoudig worden gecorrigeerd met tabletjes levothyroxine (‘schildklierhormoon’).

Natuurlijk moet je er goed op bedacht zijn dat er niet een andere oorzaak van de minder werkende schildklier speelt. Dan is verwijzing naar een internist op zijn plaats.

Een te hard werkende schildklier komt heel weinig voor bij het gebruik van lithium.

Alternatieve geneeskundigen of personen die zich met voedingssupplementen bezighouden, doen wel eens metingen in haren, slijm, urine etc. Allerlei mineralen en elementen worden daarin gemeten. Het komt voor dat ook lithium wordt gemeten. Meestal vermeldt de uitslag dat het lithium te laag is. Het is zeer onduidelijk of dit ook maar enige betekenis heeft.

Iemand met een bipolaire stoornis heeft geen tekort aan lithium. Net zo goed als dat iemand met hoofdpijn geen tekort heeft aan paracetamol.

Het medicijn lithium, dat voorgeschreven wordt aan mensen met een bipolaire stoornis – en waar deze website over gaat – bevat veel meer lithium dan de voedingssupplementen die bij een drogist worden verkocht of door alternatieve geneeskundigen worden gegeven. Alleen als je het medicijn lithium slikt, kan de lithiumconcentratie in het bloed gemeten worden.

Wanneer een ‘laag lithiumgehalte’ word gevonden – als dit al betrouwbaar gemeten kan worden -, kan dit geen problemen veroorzaken. In elk geval is het zeer onverstandig om daarvoor het medicijn lithium te gebruiken.