Zo gebruik je lithium

Welke dosis lithium je nodig hebt, wordt duidelijk aan de hand van je bloedspiegel (de concentratie van lithium in je bloed). Om die reden wordt je bloed geprikt, zodat we de lithiumconcentratie in je bloed kunnen vaststellen.
De een heeft een hogere dosering nodig dan de ander om de lithiumconcentratie in het bloed op peil te brengen. Jonge mensen moeten vaak meer tabletten slikken om een redelijke bloedspiegel te onderhouden dan ouderen.

Wijze van gebruik

Wij raden meestal aan lithium eenmaal per dag, ’s avonds, in te nemen.

  • De hoogste concentratie valt dan ’s nachts als je slaapt. Van eventuele bijwerkingen heb je dan minder last.
  • Voor je nieren is het op de lange termijn misschien beter als je maar eenmaal per dag lithium inneemt.
  • Laboratoria nemen bij voorkeur ’s morgens bloed af. Omdat het bloed 12 uur na de laatste inname moet worden afgenomen, is het handig als je je dagelijkse dosis ’s avonds inneemt.

Instellen op lithium

Het is van belang stap voor stap, op geleide van de bloedspiegel, de lithiumdosis op te bouwen.

  • Voordat begonnen wordt met lithium, moeten eerst enkele waarden in het bloed gemeten worden. Dit is vooral bedoeld om wat uitgangswaarden te hebben en later het verschil te kunnen zien. Bij ouderen is het gebruikelijk een ‘hartfilmpje’ (E.C.G.) te laten maken voor de start van lithium.
  • Meestal wordt begonnen met 1 tablet van 400 mg.
  • Na ongeveer 5 dagen wordt een bloedspiegel bepaald. Aan de hand van deze uitslag wordt in een aantal stappen de juiste dosering ingesteld. Gebruikelijke doseringen zijn 800, 1000 of 1200 mg. Dit is echter zeer verschillend en we sturen volledig op de bloedspiegel. Het is dus niet vreemd als je minder of meer voorgeschreven krijgt, zo lang de bloedspiegel maar goed is.
  • Als 2 keer een goede bloedspiegel is gemeten, ben je goed ingesteld en kan je overstappen op de reguliere controles.
  • In een acute situatie kan de dosis sneller worden opgebouwd, maar dat kan slechts onder strikte controle.

Afbouwen van lithium

Stop nooit zomaar met lithium. Het is belangrijk eerst zorgvuldig alle voor- en nadelen van het stoppen met lithium op een rij te zetten. Bij voorkeur bespreek je dit met een gespecialiseerde behandelaar.
Allerlei onderwerpen moeten daarbij aan de orde komen. Enkele belangrijke staan hieronder:

  • waarom werd lithium ooit begonnen en hoe goed werkt het?
  • hoe groot is het risico op een terugval als lithium wordt gestopt?
  • hoe erg is het als een terugval plaatsvindt? Wat zijn daarvan de gevolgen?
  • welke bijwerkingen heb je nu? Is daar wat aan te doen?
  • hoe staat het met de risico’s op de langere termijn, bijvoorbeeld voor de nieren?
  • hoe groot is de kans dat de nieren weer beter gaan functioneren als lithium wordt gestopt

De lithiumdosis zomaar halveren of fors verlagen vanwege bijwerkingen of risico’s, is niet verstandig. Als de bloedspiegel te laag wordt, werkt lithium direct veel minder goed.
Als je toch, na zorgvuldig overleg, besluit lithium te staken, doe dit dan geleidelijk. Te snel minderen geeft een veel groter risico op terugval in een manie of depressie.